index
Boekbepreking: 'Beschaving - of wat ervan over is'

Terug naar de jaren vijftig?

door Marthijn Uittenbogaard


Het uit het Engels vertaalde boek 'Beschaving - of wat ervan over is' (Uitg.: Nieuw Amsterdam - 2005) van de schrijver Theodore Dalrymple is de moeite van het lezen waard. Theodore Dalrymple is naast schrijver ook arts en wel in een zogeheten achterbuurt in Engeland. Ook is hij een bereisd en belezen man. Kortom een man die in zijn leven veel heeft meegemaakt en van veel verschillende culturen heeft mogen proeven.

In dit boek uit hij forse kritiek op de huidige Britse samenleving. En ik moet toegeven dat zijn kritiek veelal terecht is. Dalrymple treft (als arts) veel ellende aan maar bijna al zijn patiŰnten leggen de schuld van die ellende bij anderen (externe factoren) neer en bijna nooit bij zichzelf. Wat zijn de problemen die hij zoal aantreft? Nou die liegen er niet om: verpaupering van de buurt, agressie binnen en buiten het gezin, langdurige werkeloosheid, seksueel misbruik, geen toekomstperspectieven, en weinig verantwoordelijkheidsgevoel. Dit laatste komt volgens de schrijver vooral door de overheid die, hierdoor aangemoedigd door de intellectuelen, alhoewel goedbedoeld, te veel verantwoordelijkheden van haar burgers op zich heeft genomen. Hierdoor gaan volwassen burgers zich te afhankelijk van de overheid gedragen en hierdoor ontplooien ze minder initiatieven en daardoor komen ze in een spiraal van frustraties, en daaropvolgend ellende, terecht. Zo vat ik het maar, misschien iets te simpel, samen. Alleen hoe zit het met de oplossingen die de schrijver aandraagt? Hierin verschil ik deels van mening met Dalrymple. Dalrymple geeft de seksuele revolutie grotendeels de schuld van veel ellende en ego´sme. Hij vindt dat de grondleggers van die revolutie het bij het verkeerde eind hadden. De intellectuelen zien het slechten van alle taboes als iets wat goed is. Hierin gaat hij mijns inziens te kort door de bocht. De seksuele revolutie is namelijk nog lang niet af.

Wat er veranderd is, is dat vrouwen nu gelijkwaardiger zijn aan mannen, en homoseksuelen hierdoor ook meer rechten hebben verworven. Voor de rest is er weinig veranderd. Lust is nog steeds een groot taboe en wordt nog altijd erg bestreden alsook kinderseksualiteit.
Dalrymple heeft een punt wanneer hij opmerkt dat veel kinderen geestelijk of lichamelijk worden verwaarloosd en dat veel kinderen opgroeien in onstabiele gezinnen: echtscheidingen, gezinnen met telkens een andere stiefvader, en veel eenoudergezinnen. Hij lijkt terug te willen naar het standaardgezin van vader, moeder en kind(eren). Hiervoor is het nodig om seksuele perversiteiten uit te bannen omdat dit tot ego´stisch en onverantwoord gedrag zou leiden. Jammer voor de vrouwen- en homo-emancipatie, want ikzelf zie geen mogelijkheid om terug te keren naar het standaardgezin van de jaren vijftig en dat tevens vrouwen en homo's rechten zullen hebben. Ik vermoed sterk dat Dalrymple homoseksualiteit ook als een perversiteit beschouwt dat beter bestreden kan worden. Hiervoor heb ik geen hard bewijs maar ik bespeur wel opmerkingen in zijn boek zoals over de homoseksuele zanger Elton John: een 'enge gek, met een ge´mplanteerde pruik'. Ook bijvoorbeeld kunstmatige inseminatie bij een lesbisch paar keurt hij af.

Zijn kritiek op de sensatiepers en op de woede-aanvallen van burgers bij geruchtmakende (zeden)zaken deel ik wel. Dit is veelal ter verdoezeling van de eigen tekortkomingen wat de opvoeding betreft. Collectief afkopen van een schuldgevoel dus. Voor de rest bevat het boek interessante bijdragen over het communisme, over de islam, over het drugsbeleid en over kolonialisme. Bij het drugsbeleid stelt hij dat legalisering waarschijnlijk averechts zal werken en hij tracht dit uitvoerig uit te leggen.

Zelf denk ik daar toch anders over, echter mijn argument komt niet voor in de door hem weerlegde argumenten. (Maar hier zal ik verder niet op ingaan in dit artikel.) Wat bij zijn betoog opvalt is het volgende: de Drooglegging (van alcohol) in de VS werkte niet omdat men al massaal alcohol nuttigde; de geest was al uit de fles en die kon er dus niet meer in. Maar wat seksualiteit betreft meent hij wel de geest terug te kunnen laten keren in de fles. Een beetje tegenstrijdig lijkt me.

U heeft van mij nu tegoed hoe ik dan de oplossingen op de genoemde problemen zie. Deels is er een overlap met Dalrymple, namelijk: minder overheidsbemoeienis wat het gezinsleven betreft, wat scholing betreft et cetera. Hierdoor kan de eigenverantwoordelijkheid, en het zelf nadenken en handelen weer floreren. En wat seksualiteit betreft denk ik dat de gezinnen als hoeksteen van de samenleving definitief tot het verleden zullen gaan behoren; ze zijn te klein geworden en men (ooms en tantes, neven en nichten) verhuist te gemakkelijk naar een andere stad of zelfs een ander land. Om een sociale samenleving weer beter te laten functioneren zul je de buurt meer moeten betrekken bij de opvoeding van haar kinderen. De mensen in een wijk moeten elkaar helpen, toezicht houden, elkaar desnoods corrigeren. Hiervoor moet men juist ruimdenkender zijn op seksueel vlak omdat men anders stiekem zijn eigen gang wenst te gaan, waardoor men zich juist afsluit van de buren. En ook omdat men elkaar anders niet vertrouwt: Elke man is een viezerik dus ik houd mijn kinderen veilig binnen of ik breng ze onder in een afhankelijkheidsrelatie (emotioneel meestal niet diepgaand): sport, muziekles. En ik waarschuw ze voor enge mannen. Deze angstcultuur maakt mensen onzeker, wantrouwend en agressief. Als een kind een goede relatie heeft met diverse 'ooms' en 'tantes', in de buurt waar het woont, zal het niet zo gauw alleen komen te staan.

Het boek 'Beschaving - of wat ervan over is', is zoals gezegd de moeite waard om te lezen. Of je het nu met zijn visie eens bent of niet; Dalrymple is zeker geen persoon met vastgeroeste denkbeelden. Sterker nog, hij verzet zich in zijn boek tegen dogma's en dat kunnen veel journalisten of intellectuelen hem niet navertellen.

26 december 2005